Christen Forum Limburg

maandag 18 februari 2019 om 20.00 uur
Cultuurcentrum Hasselt - kleine schouwburg

Een wetenschapper op zoek naar exoplaneten,

een wetenschapper op zoek naar geloof …

Leen Decin

Astrofysicus,
hoogleraar sterrenkunde KU Leuven

Leen Decin

Of het nu gaat over de zoektocht naar uniciteit van de mens in het heelal of naar de oorsprong van het Universum, vaak krijg je als wetenschapper de vraag of er in deze wetenschappelijke wereld nog plaats is voor God.

De visie dat God (misschien) leeft aan de buitengrenzen van onze kennis krijgt het hard te verduren, nu de wetenschap steeds weer de grenzen van onze kennis verlegt.

In deze discussie gaat men maar al te vaak voorbij aan het feit dat religie, geloof en spiritualiteit over dezelfde werkelijkheid gaan. Waarom bestaat er überhaupt iets en wat is de zin van menselijke wezens met intelligentie begiftigd en in staat om lief te hebben?

Hoe gaan we om met dit leven? En hoe zit het heelal in mekaar, en hoe evolueert het?

De lezing wil schetsen hoe de zoektocht naar buitenaards leven een impact kan hebben op ons wereldbeeld. Van daaruit vertrekkend wordt getoond dat wetenschap en religie "twee wegen naar waarheid" kunnen vormen. We kunnen kiezen om één weg te bewandelen, of beide, of om het membraan te vormen tussen beide.

Leen Decin

Leen Decin studeerde in 1996 af aan de KULeuven als licentiaat in de wiskunde, optie wiskundige natuurkunde. Ze specialiseerde zich in sterrenkunde. Ze behaalde een doctoraatsbeurs van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen (FWO). Op 30 mei 2000 verdedigde ze haar doctoraatsthesis die handelde over het gebruik van theoretische atmosfeer spectra van koude standaardsterren voor de kalibratie van infrarode spectrometers. De door haar ontwikkelde methode werd eerst met glans toegepast op de kalibratie van de Short Wavelength Spectrometer (SWS) aan boord van de ESA Infrared Space Observatory (ISO). Erna werden nog allerlei andere NASA, ESA, en ESO instrumenten gekalibreerd met behulp van deze theoretische spectra. Na een post-doctorale periode aan de KULeuven en Universiteit van Amsterdam werd ze in 2010 benoemd als professor aan de KULeuven. In 2011 startte ze een interdisciplinaire onderzoeksgroep die zich focust op klimaatstudies bij exoplaneten. In 2014 behaalde Decin een prestigieuze ERC consolidator grant (2.6 M euro) om de chemische en dynamische processen in de sterrenwinden van geëvolueerde sterren te bestuderen. Sinds 2017 is Decin ook verbonden aan de School of Chemistry van de Universiteit van Leeds (UK).

Naar boven

Kans op leven in heelal

Op 9 februari 2010 publiceerde Het Nieuwsblad een artikel over een ontdekking van Leen Decin:

Professor Leen Decin van de KU Leuven heeft voor het eerst de combinatie van water en koolstof ontdekt in de dampkring van een oude ster. Een absolute voorwaarde voor het ontstaan van leven. De kans dat er elders in het heelal effectief leven bestaat, wordt door haar vondst 'iets groter', zegt Decin.

Professor Decin publiceerde gisteren in het vakblad Nature haar opmerkelijke bevindingen over de dampkring van de 'rode reus' CW Leonis, een oude, stervende ster in het sterrenbeeld Leeuw op zo'n 500 lichtjaren afstand.

Eerder, in 2001 had de Nasa al ontdekt dat er in de buurt van CW Leonis opmerkelijk veel waterdamp hangt. Die is afkomstig van ijskometen die rond de stervende ster cirkelden, dachten de Amerikanen. Maar dankzij nauwkeurige metingen zag Decin dat er ook stoomdamp van 800 graden in de atmosfeer van CW Leonis zit. Die hete stoom, dicht bij de ster, sluit volgens haar de Amerikaanse hypothese van ijskometen uit. 'Het water is gevormd door de ster zelf', besluit Decin. Ongeveer hetzelfde gebeurde op de jonge aarde, waarna, in combinatie met koolstof, leven ontstond.

Maar dat betekent absoluut niet dat er ook leven is op CW Leonis. 'Een ster is geen vast lichaam maar een bol gas. De enorme druk en de zwaartekracht zijn er verpletterend. Leven zoals wij het op aarde kennen, is er ondenkbaar'. Maar onze vondst toont wel aan dat er meer processen in het heelal aan het werk zijn die de voor leven onmisbare combinatie van water en koolstof bewerkstelligen. Dat maakt de kans op leven iets groter. Nog altijd klein maar iets groter.

CW Leonis

CW Leonis

Naar boven

Topwetenschapper en eenvoudig gelovig

Op 3 november 2015 verscheen op Kerknet een interview met Leen Decin, over wat ze deed en wat ze daarbij als gelovige dacht.

Een fragment:

Waar houd jij je precies mee bezig?

Leen Decin • Mijn onderzoeksprojecten omvatten 3 luiken:

1. Voor mijn doctoraat deed ik onderzoek naar het gebruik van theoretische atmosfeerspectra van koude standaardsterren voor de kalibratie van infrarode spectrometers. Het komt erop neer dat het licht van sterren vervormd op aarde komt. Als je het proces van die vervorming verstaat, kun je sterren beter omschrijven.

Eigenlijk zit het heel eenvoudig in elkaar. Je kijkt naar sterren die we het beste kennen en maakt een voorspelling hoe dat licht theoretisch op aarde zou moeten komen. De afwijking daarop (veroorzaakt door satelieten) breng je vervolgens in rekening bij het beschrijven van andere sterren. Met die methode waren we in staat om een van de Europese missies heel goed te kalibreren. Daaruit vloeide een opdracht voort om de methode ook bij andere Europese en Amerikaanse missies toe te passen.

Het werd algauw wat saai voor mij. Ik treed graag uit mijn comfortzone. Daarom kocht ik een hoop boeken en verdiepte me verder in de stellaire fysica.

Die boeken leerden me niet alleen meer over de evolutie van sterren, maar ook over wie ik ben als onderzoeker. Ik maak namelijk heel graag de brug tussen waarnemingen en theoretische modellen. Beide hebben elkaar nodig. Als je samen met collega’s nieuwe waarnemingen kunt bekijken, analyseren en proberen te begrijpen aan de hand van geavanceerde theoretische stermodellen, dan ontstaat een uniek denkkader met een natuurlijke synergie.

2. Dat bracht me bij de studie van chemische en dynamische processen in de sterrenwinden van geëvolueerde sterren, zeg maar het bejaardentehuis van sterren. Vooraleer ze helemaal verdwijnen, verliezen ze heel veel massa door sterrenwinden. In 2010 publiceerde ik een artikel in Nature over de ontdekking van warme waterdamp in de sterrenwind van een heldere koolstofrijke ster. Deze ontdekking leert ons veel over de relevante chemische processen die ook op de jonge aarde een rol kunnen gespeeld hebben. Water is namelijk een basisvoorwaarde voor leven.

3. Toen ik hoogleraar benoemd werd, ging ik op zoek naar een nieuwe impuls. In 2011 kreeg ik een beurs om een interdisciplinaire onderzoeksgroep te starten rond exoplaneten (planeten buiten ons zonnestelsel). Samen met collega’s van chemie en wiskunde ontwikkelden we theoretische modellen om de spectra van exoplaneten te interpreteren.

Zo ontdekten we onlangs dat sommige exoplaneten een klimaat hebben dat geschikt kan zijn voor leven.

165 klimaatsimulaties leverden 3 klimaten op waarvan er 2 vloeibaar water mogelijk maken, en die dus bewoonbaar zouden kunnen zijn. Deze rotsachtige planeten bleken namelijk een wind te hebben die ervoor zorgt dat hun zongerichte kant (deze planeten draaien immers niet rond hun as) warmte kan afstaan naar de koude kant, die op zijn beurt verkoeling brengt aan de warme kant. Dat team zouden we nu willen uitbreiden met collega’s van biologie en geologie, als we de fondsen daarvoor vinden, want uiteraard openen deze ontdekkingen perspectieven voor die andere wetenschappen.

Buitenaards leven, hoe moeten we ons dat dan voorstellen?

Leen Decin • Denk niet meteen aan wezens waarmee je kan communiceren. De exoplaneten die we bestuderen, liggen 10-tallen miljoenen km bij ons vandaan. We kunnen er dus ook niet zomaar naartoe.

Hoe uniek is de mens dan nog?

Leen Decin • We spreken daar wel eens over onder collega’s, maar dan meer op een filosofisch niveau. Sommigen komen tot het besluit dat de mens maar een detail is tegen de achtergrond van immense ruimte en tijd sinds de oerknal. Biologisch gezien klopt dat ook wel. De rol van de mens in maar klein in het geheel.

Zelf ben ik van mening dat de uniciteit van de mens niet wordt aangetast door het feit dat onze soort in feite nog maar geringe tijd bestaat en maar een fractie uitmaakt van de kosmos.

De mens is er toch maar gekomen met zijn vermogen om na te denken en lief te hebben.

Naar mijn gevoel staat de mens toch nog altijd centraal in het geheel. We dragen veel bij tot de evolutie omdat we interageren met wat rondom ons gebeurt.

Een heel nieuwe uitdaging voor de theologie, lijkt me. Kwam je daarmee al in aanraking?

Leen Decin • Sinds de uitzending in Van Gils & Gasten krijg ik vragen vanuit de faculteit theologie. Het interesseert me heel sterk, maar ik vraag me af hoe ik dat er nog bij kan nemen. Ik zit geregeld in het buitenland voor mijn onderzoek en zie dan mijn kinderen soms dagenlang niet. Dat is niet altijd vanzelfsprekend en het wringt soms.

Ik kreeg ook telefoon van enkele Belgische bisschoppen. Een idee kan zijn om bijvoorbeeld de banden met de Vaticaanse Sterrenwacht te versterken.

Volgens haar mission statement staat de sterrenwacht heel open voor wetenschappelijke analyses, die beschouwd worden als een mogelijke weg om tot waarheidsvinding te komen.

Je kreeg het geloof van thuis uit mee, vertelde je. Hoe rijpte dat toen je opgroeide?

Leen Decin • Op mijn 16de was ik actief in Jonge Kerk Roeselare. We hadden geregeld een avondviering met een bespreking achteraf. Ik voelde me daar echt goed bij. Op school was ik met mijn wiskundeknobbel sowieso al een buitenbeentje. Dat maakte het niet makkelijker om op zoek te gaan naar mijn eigen identiteit, ook los van mijn tweelingzus met wie ik voortdurend verward werd. Over het geloof zweeg ik maar. Dat was best hard.

Bij Jonge Kerk Roeselare kon ik mezelf zijn. Daar konden we zonder angst voor ongepaste reacties uitwisselen over wat ons als mens bezighield.

We keken naar de wereld vanuit een ander perspectief en zetten ons in voor mensen in nood. Ik herinner me nog hoe we samen naar Brussel trokken om er de handen uit de mouwen te steken in Poverello. En oudejaarsavond stond gelijk met een hele dag koken om ‘s avond te eten en te dansen met 150 eenzamen en armen. Die ervaringen veranderden me als mens en gaven me zelfvertrouwen.

Lees het volledige interview op Kerknet

Naar boven

Bij Van Gils & Gasten

Op 14 september 2015 was Leen Decin te gast in het Eén-programma Van Gils & Gasten. Daarin moet zij antwoorden op de vraag of ze gelovig is, gezien ze werkt aan een katholieke universiteit. En of ze dan gelooft in het scheppingsverhaal of in de oerknal, wil presentator Lieven Van Gils nog weten. Dat zijn 2 parallelle wegen om naar de werkelijkheid te kijken, klinkt het. Je moet de wetenschap niet willen gebruiken om te bewijzen dat God al dan niet bestaat. En je moet de Bijbel niet lezen als een wetenschappelijk werk.

"Er waren veel positieve reacties bij van mensen die het fijn vinden dat ik durfde uitkomen voor mijn overtuiging. Anderen waarschuwden me dat ik me kwetsbaar had opgesteld. Het is niet vanzelfsprekend om als wetenschapper te zeggen dat je gelovig bent, ook al gaat het dus om 2 totaal verschillende benaderingen van de werkelijkheid. Het Bijbelse scheppingsverhaal gaat niet over het ontstaan van de mens, maar over hoe God die mens pas echt tot leven brengt, ook vandaag, met zijn liefde."

"Er zijn almaar minder mensen die moeite hebben om dat onderscheid te maken, zeker in mijn generatie. Voor mezelf is dat onderscheid ook altijd duidelijk geweest. Ik ben heel wiskundig ingesteld. En tegelijk kreeg ik een heel gelovige opvoeding. Die twee aspecten van mijn persoonlijkheid waren nooit in conflict."

"Wel merk ik dat het voor almaar meer mensen moeilijk wordt om het taalregister van het geloof te vatten. Ook voor mijn kinderen, bijvoorbeeld. Een van de reacties op de tv-uitzending kwam van mensen die zeiden dat ze niet gelovig waren, maar toch erg waardeerden wat ik had gezegd, omdat het hen hielp om over het leven na te denken. Dan zie je toch dat er nood is aan een taalregister dat het heeft over het hogere goed dat ons als mensen verbindt en over de zin van het leven.

Leen Decin bij Van Gils & Gasten

Een reactie op Twitter: "Een wetenschapper met deze gedachten kan niet serieus genomen worden!"

Naar boven

God heeft de wereld niet geschapen

Uit een interview in De Standaard van 19 september 2017:

Ze zijn niet dik gezaaid: beroepswetenschappers die tegelijkertijd ook in God geloven – of dat durven toe te geven. "De ratio houdt hen tegen. Terwijl er volgens mij geen conflict hoeft te bestaan tussen een rationele en een metafysische kijk op het leven. Het zijn twee verschillende manieren om naar de wereld te kijken. Het zijn twee polen waartussen ik mij beweeg, op zoek naar inzicht.”

Het argument dat Gods bestaan niet wetenschappelijk valt te bewijzen, heeft u nooit van uw stuk gebracht?

“Het probleem met militante atheďsten zoals de Britse schrijver Richard Dawkins is dat ze een wiskundige logica proberen toe te passen op iets wat helemaal niets met wiskunde heeft te maken. Je kúnt het bestaan van God niet wetenschappelijk bewijzen, en je moet de Bijbel ook niet als een wetenschappelijk werk willen lezen.”

Hoe moet je de Bijbel wel lezen?

“Alleszins niet als het letterlijke woord van God. De evangelies zijn vele tientallen jaren na de dood van Jezus geschreven. De Bijbel is geen geschiedkundig werk. Hij bevat verhalen, levenslessen in veel dimensies.”

Heeft God de mens geschapen, of schiep de mens God?

“God heeft de wereld niet geschapen, hij heeft de mens niet geschapen. De wereld is materie, en die gehoorzaamt aan de wetten van de fysica. Mensen komen voort uit een eicel van hun moeder en een zaadcel van hun vader. En die moeder en vader zijn op hun beurt voortgekomen uit een eicel en een zaadcel van hún ouders. Gelukkig maar.”

“Want hoe ga je om met een transcendente God die niet te definiëren valt? Zo”n hoge God is té hoog om te kunnen vatten. Precies daarom dichten de mensen allerlei eigenschappen aan hem toe. Ze scheppen voor zichzelf een beeld van God zodat ze met hem in contact kunnen komen.”

Wie is God dan voor u?

“Hij is een beeld dat ik gebruik wanneer ik over niet-materiële zaken nadenk. Want er is meer dan enkel het tastbare. Het is moeilijk te definiëren, je stoot op de onmacht van woorden, er is een ander soort taal voor nodig. Ik ben opgevoed in een katholiek milieu, ik gebruik de taal van het christendom. Maar zou ik bijvoorbeeld in Thailand geboren zijn geweest, dan had ik wellicht de taal van het boeddhisme gebruikt – welke geloofstaal je hanteert doet er niet toe. Ik kan me alleen geen leven indenken waarin geen plaats zou zijn om na te denken over God.”

Uw geloof is een sociaal bewogen geloof?

“Jezus is in de geschiedenis de eerste profeet geweest die resoluut de kant van de uitgestotenen koos. Zijn pleidooi voor de rechten van zwakkeren werkt vandaag nog steeds in ons rechtssysteem door. Dat je onschuldig bent tot het tegendeel wordt bewezen: heel mooi vind ik dat. Te weinig mensen beseffen hoe het christendom nog in de vezels van onze maatschappij zit – ook al zijn de gelovige christenen in die maatschappij een minderheid geworden.”

“Er zijn een aantal onfrisse dingen gebeurd in de Kerk, die breed in de pers zijn uitgemeten, en ik kan je zó een waslijst geven van zaken waarover ik het met het rooms-katholieke gezag oneens ben. De achterstelling van vrouwen, bijvoorbeeld. Het verbod voor priesters om te huwen. Maar de Kerk doet ook een aantal dingen heel goed. De brug slaan naar sociaal achtergestelden, bijvoorbeeld, naar vluchtelingen, naar ontheemden. Helaas hoor je de media daarover minder.”

Jezus is in de geschiedenis de eerste profeet geweest die resoluut de kant van de uitgestotenen koos

Ze is soms een raadsel voor haar collega’s, denkt ze. “Ze weten dat ik geloof, ik ben daar open over, maar ze spreken me er nooit over aan. Nogal wat wetenschappers schrikken terug voor spirituele kwesties, vermoed ik, ze beperken zich liever tot vragen als “Waarom is er iets en niet niets?”, of “Waar komen tijd en materie vandaan?”. Want daarop kunnen ze rationele antwoorden formuleren, door terug te grijpen op de fysica. Ze hoeven dan niet buiten hun comfortzone te treden. Sommige auteurs van wetenschapsboeken gebruiken de godsvraag dan weer wél graag als verkoopargument, om een breder publiek aan te boren. Dat vind ik soms een tikje goedkoop.”

Wordt u aangekeken op uw geloof?

“In deze maatschappij heb je het als atheďst alleszins gemakkelijker. Niet in God geloven is normaal. Als je durft te getuigen van je geloof, kijkt men soms alsof je je verstand hebt ingeleverd. Transcendente vragen, over zaken die het menselijk begrip overstijgen, die kan ik in gezelschap soms op tafel leggen. Een deďstisch wereldbeeld ligt gemakkelijker dan een theďstische opvatting. De vraag Wie of wat zou God kunnen zijn” laat zich niet beantwoorden aan de hand van axioma’s, definities en randvoorwaarden.”

“Tegelijk: zoveel mensen zijn zoekend, al durven ze dat niet altijd toe te geven. Ik heb ooit in een televisieprogramma over sterrenkunde zijdelings over mijn geloof gesproken. Achteraf kreeg ik precies over dat geloof bakken vragen en reacties van kijkers. Niet over de sterren.”

En thuis?

“Onze drie kinderen zijn gedoopt, maar voor jongeren is het, in een wereld van oppervlakkige sociale media, niet evident om lang bij het leven stil te staan. Bij ons thuis mogen pas na half zeven “s avonds de schermen aan: televisie, iPad, telefoons. Zelf kijk ik nooit televisie. De stroom digitale prikkels houdt anders nooit op. Je stopt er zoveel tijd in dat je geen tijd meer overhoudt om na te denken. In de digitale wereld is geen plaats voor God.”

Komt er dan geen tijd dat de wetenschap alle vragen oplost, en we God niet meer nodig hebben?

“Mensen denken dat. Ze veronderstellen dat de wetenschap een antwoord biedt op álle vragen. Dat is niet zo. Je kunt mathematisch aantonen dat er beweringen     zijn die juist zijn, maar waarvan je nooit zult kunnen bewijzen dat ze juist zijn. Evengoed zijn er kwesties waar de wetenschap nog niet uit is, en misschien nooit uit zal raken.”

“De vraag “Wat was er voor de oerknal?” heeft nog steeds geen antwoord. Hoe het heelal is ontstaan, weten we niet, daar stopt onze kennis. We kunnen enkel wiskundig aantonen dat met de oerknal ruimte en tijd zijn ontstaan, meer niet. We weten niet eens zeker of er wel een “voor” was – misschien was er gewoon niets. Het idee dat de wetenschap alle antwoorden heeft, is een illusie."

Lees het artikel uit De Standaard

Naar boven

Wat raakt Leen Decin?

Het einde van de zon

Op 16 april 2017 was Leen Decin te gast bij Fried’l Lesage in het programma Touché.

Herbeluister het gesprek op Radio 1

Naar boven

 

Inhoud

Leen Decin

Kans op leven in heelal

Eenvoudig gelovige

Bij Van Gils en Gasten

God heeft de wereld niet geschapen

Wat raakt Leen Decin?

Vraag stellen?

In het tweede deel van de conferentie beantwoordt de spreker de vragen van het publiek.

U kunt u vraag ook via deze website stellen. Zij wordt dan op de conferentie voorgelegd.

Stel de spreker een vraag.

Stel uw vraag

U kunt ook het formulier downloaden dat bij het begin van elke conferentie aan de deelnemers wordt overhandigd.

U kunt het dan rustig invullen om u te helpen bij het formuleren van uw vraag.

Voor het tijdschrift kunt u het formulier tijdens de pauze van de conferentie terugbezorgen aan de uitgang van de zaal.

Download het vraagformulier

Conferentietekst

Een syllabus bij de conferentie wordt verkocht tijdens de pauze op de conferentieavond. Ook op de volgende conferenties van het werkjaar kan u de tekst nog kopen, zolang de voorraad strekt.

U kunt de tekst van de conferentie ook online bestellen!

Bestel de syllabus