Christen Forum Limburg

Mijn geloof als Bijbelwetenschapper

Een broos en eerlijk antwoord

Bénédicte Lemmelijn

Professor Oude Testament en vice-decaan faculteit Theologie en Religiewetenschappen KULeuven

Maandag 28 januari 2019

Samenvatting

Wat is de Bijbel?

Bijbellezers zijn buitenstaanders. Zender en ontvanger liggen zo ver uit mekaar. De taal is ook een probleem: we lezen vertalingen die al voor een stuk interpretatie zijn. De Bijbel is ook geen "boek": het zijn gegroeide geschriften, op heel verschillende momenten tot stand gekomen. Tenslotte heeft die menselijk gegroeide literatuur autoriteit gekregen en is ze Heilige Schrift geworden: het gevaar is dat wij dan vinden dat wij niets meer moeten achterhalen.

Het is dus niet evident wat de Bijbel zegt. Bij sommige leidt dat tot afwijzing van "wat ze ons allemaal hebben wijsgemaakt". Anderen blijven met de Bijbel omgaan zoals ze dat van kindsbeen af hebben gedaan, in kinderlijke naïviteit. Het fundamentalisme is daarvan een variant. Verder is er een modernistische stroming die alleen als rationeel plausibel aanvaardt wat historisch aantoonbaar is. Maar Bijbelverhalen zijn geen historische verhalen. Het zijn levensverhalen, existentiële verhalen die vanuit een gelovige kijk de werkelijkheid duiden.

De historisch-kritische exegese tracht de verkramping te overstijgen. Teksten worden geplaatst in hun historische context en benaderd met methodes die literatuur- en taalwetenschappen ook gebruiken. Die exegese is niet meer met Gewijde Geschiedenis bezig, maar met verkondigende literatuur. De Bijbel is literatuur die op haar eigen existentiële manier reflecteert over het leven, en dat doet vanuit een gelovige duiding van die werkelijkheid.

In de Bijbel gaat het dus om een levende en levensbetrokken God, en het gaat, vanuit een eeuwenoude reflectie over de daadwerkelijke inzet hier en nu. Het gaat over fundamentele vragen die wij ons nu ook stellen. Het gaat over vragen, niet over sluitende antwoorden.

Conclusie: de Bijbel is een boek van mensen, voor mensen, over een God die niemand vatten kan. Het is tekst en reflectie van mensen die – net als wij – hun leven zinvol hebben willen vormgeven. En gaat over een werkelijkheid die in geen van die teksten God sluitend vatten kan. De centrale idee van de Bijbel is net: God is niet te catalogiseren. De Bijbel laat een behoedzaam vermoeden zien, een bereflecteerde geloofservaring. Het gaat altijd over de relatie tussen mens en wereld enerzijds, en transcendentie, mens en God, anderzijds.

Hoe geloof ik dan?

Als de Bijbel getuigenis is van zoekende mensen, dan is mijn geloof "omhoogreikend vrucht dragen". Het gaat niet om het wát van geloven (misschien is Abraham 'maar' een literaire figuur), maar om het dát van geloven. Geloof berust op het besef dat God veel groter is dan welke Bijbelse tekst ook, maar ook veel groter dan elke kerkelijke of pauselijke tekst.

God ontmoet je in inkeer, in tegenwoordigheid – tegenwoordigheid bij mezelf en tegenwoordigheid voor God, die overgaat in aanwezigheid van God. Zo ontstaat openheid, transformatie. Inkeer leidt tot toekeer, een positieve dynamiek waarmee je terug de dagelijkse werkelijkheid intreedt.

Is God eigenlijk wel kenbaar? Ik ben gaan beseffen dat er vooral (kritisch) niet-weten is. In de Bijbel gaat het nooit over God kennen, maar over God zien. Je bent overtuigd van zijn aanwezigheid, zonder definities te kunnen geven.

Vertrouwen wordt dan een grondwaarde om te kunnen leven. In overgave geef je uit handen om in grotere handen te leggen. Zoals Charles de Foucaud bad: "Mon Père, je m'abandonne á toi, fais de moi ce qui te plaira." Dat lijkt angstaanjagend, maar als we geloven in een werkelijkheid die draagt ten goede, dan gaat het wel om ultieme liefde. En in die beleving ontstaat positieve gelatenheid, omdat je overgegeven bent in handen groter dan de jouwe. Zoals Terese van Avilla het zegt: "Wie God heeft ontbreekt niets. God alleen is genoeg".

God is te vinden in het surplus van de werkelijkheid: schoonheid, mildheid, mededogen, tederheid. De Bijbelse teksten hebben het over de inwoning van God: Hij wordt werkelijkheid in en door mensen. Het gaat dus over iets dat te doen staat. In de Bijbelse traditie komen wijsheid en God tot stand in de wijze waarop mensen leven. In zachtmoedigheid, bescheidenheid, vriendelijkheid, liefde, geduld en trouw.

Voor mij is de keuze voor geloof het binnentreden in en meewerken aan een horizon van hoop op God als liefdevolle kracht van en in het bestaan. Geloven is het mij bewust worden van en inbedden in die goddelijke realiteit en het meewerken aan die uiteindelijke horizon van liefde die zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament de ultieme affirmatie is van wie God is en wat hij bedacht.

Samenvatting: Rudi Draye, lid van de groep

Download deze samenvatting

Uitgebreide transcriptie

Lees de uitgebreide terugblik

Meer over deze conferentie

Conferentie 28 januari 2019

Bénédicte Lemmelijn